Het karakter

Het karakter van de Bullmastiff is bepaald door het soort werk, waarvoor dit ras in eerste instantie bedoeld was.
De Engelse jachtopzieners hadden behoefte aan een lenige, sterke en gehoorzame hond, die zelf beslissingen zou kunnen nemen als hij alleen aan het werk was. In het begin van de 20e eeuw was de Engelse wetgeving zo streng, dat stropers er werkelijk alles voor over hadden om te kunnen ontsnappen. Voor de veiligheid van de jachtopziener, was de nachthond van de jachtopziener niet alleen een aanwinst voor deze man maar een noodzakelijkheid.

De originele jachtopzieners honden waren veel agressiever dan voor de hedendaagse Bullmastiff nodig of aanvaardbaar is. De vroegere Bullmastiffs woonden met hun bazen in onbewoonde eenzame bossen.
Vandaag de dag zijn deze landelijke en eenzame levensgewoonten een zeldzaamheid voor mens en dier. De huidige Bullmastiff kan een uitstekende waakhond zijn en toch vredig en sociaal in onze moderne dichtbevolkte samenleving leven.

Toch moet men in gedachte houden dat het temperament van de Bullmastiff gericht is op waken. Deze hond kon een volledig wanhopige man pakken, neerleggen en vasthouden. De Bullmastiff is echter anders dan de meeste waakhondenrassen omdat hij een onafhankelijke mening heeft. Als je de bezitterige aard combineert met de onafhankelijke geest en daarbij optelt de lenigheid, de intelligentie en de kracht van een hond met deze afmetingen zoals vermeld in de standaard, dan is de uitkomst: een heel indrukwekkende hond.

De Bullmastiff kan verschrikkelijk lief en zachtaardig zijn maar zich ook gedragen als een volslagen idioot, afhankelijk van de situatie. Soms zie je ze opgerold een dutje doen tussen kleine kindertjes of kijken ze samen televisie. Ook zie je ze vaak op de rug liggen met alle vier de poten in de lucht. Elke Bullmastiff heeft een eigen persoonlijkheid.

De Bullmastiff kan heel goed getraind worden, speciaal op gehoorzaamheid en dat is ook heel noodzakelijk voor een zo grote hond in een doorsnee gezin. Een van de belangrijkste zaken voor zo'n training is de consequente aanpak. Vanaf het moment, dat zo'n klein schattig, aandoenlijke pup in uw gezin wordt opgenomen is het van het grootse belang dat alle gezinsleden zich houden aan vaste richtlijnen betreffende wat wel en wat niet mag.
Puppies mogen vooral niet verwend worden, want dan zullen ze tot in het oneindige gaan doordrammen om hun zin te krijgen en dat resulteert dan in een onuitstaanbare volwassen hond. Als bepaalde gedragingen in huis niet mogen, dan moeten deze vanaf het begin verboden worden.
Om een klein voorbeeld te geven van de intelligentie van een Bullmastiff pup die zijn zin wil hebben, u maakt het volgende mee: eerst een gespeelde angst- of schrikreactie, dan ongeloof met een uitdrukking van "dat kun je toch niet serieus menen?", dan uitermate gekwetst, minachtend, "ik heb je echt niet gehoord", dan super aanhalig of nog wat andere intriges, het betreffende puppy eigen.
Als u probeert het gedrag van een Bullmastiff te corrigeren krijgt u vast te maken met een van bovenstaande antwoorden. Geef alstublieft niet toe, want dan duurt het tien keer langer om een bepaalde gedragslijn af te leren. Molossers zijn in het algemeen 's werelds beste oplichters; dat is het gedrag van een intelligente hond!
Een consequente, duidelijke, vriendelijke opvoeding laat het intelligente karakter van de hond duidelijk uitkomen. Voor sommige mensen zijn deze honden eigenwijs en koppig en zeer moeilijk op te voeden, maar het ras is verre van dom.

Trouw is de basis voor het Bullmastiff karakter. Een hond van dit ras sluit de hele familie in zijn hart en geeft zichzelf totaal op elk moment. Hij zal zijn roedel beschermen ten koste van alles. Hoewel het een fantastisch ras is, is de Bullmastiff niet voor iedereen en geschikte hond. Mensen die geen tijd kunnen besteden aan het opvoeden van een hond en niet tegen het karakter kunnen , moeten hier dan ook NOOIT aan beginnen.

Of je houd van het ras of je verfoeid het, eens een Bullmastiff, altijd een Bullmastiff.
 
 

De standaard van de Bullmastiff

Algemeen beeld  

 Krachtig gebouwde hond, symmetrisch, met veel massa, maar niet lomp, evenredig actief.

Hoofd en schedel

Schedel groot en vierkant vanuit elke hoek bekeken, plooivorming als hij geïnteresseerd is. De omvang van de schedel mag evenveel centimeters meten als de hoogte van de schoft. De schedel moet breed en diep zijn, met goed opgevulde kaken. Korte voorsnuit. Breed onder de ogen. De voorsnuit is stomp en vierkant en vormt een rechte hoek met de lijn over de neusrug. De onderkaak moet breed blijven tot het einde. De lippen niet overhangend, nooit beneden de onderkant van de kaak.

Ogen

Donker of hazelnootkleurig en van middelmatige grootte, zover uit elkaar geplaatst als de breedte van de voorsnuit en tussen de ogen een groeve. Lichte en gele ogen hoogst ongewenst.

Oren

V-vormig naar achteren gevouwen. Hoog en ver uit elkaar aangezet en geeft met de bovenkant van de schedel een vierkante indruk, welke zeer belangrijk is. De oren zijn klein en dieper van kleur dan de kleur op het lichaam. De punt van het oor komt ter hoogte van het oog wanneer de hond alert is. Rose-oor is hoogst ongewenst.

Mond en gebit

Gebit bij voorkeur tanggebit, een lichte ondervoorbeet is toegestaan maar echter niet geprefereerd. Hoektanden groot ontwikkeld en ver uit elkaar geplaatst. Overige tanden ook goed ontwikkeld en recht geplaatst.

Hals

Goed gebogen van middelmatige lengte, zeer gespierd en altijd van bijna dezelfde omtrek als de schedel.

Voorhand

Borst breed en diep, goed geplaatst tussen de voorbenen met een diepe voorborst. Gespierde schouders, schuin liggend en krachtig. Voorbenen krachtig en recht met zwaar bot. Goed uit elkaar geplaatst zodat er een krachtig recht front ontstaat. Sterke en rechte middenvoeten.

Lichaam

Rug kort en recht, wat de hond een compacte indruk geeft, doch nooit zo kort dat het hinderlijk wordt bij de beweging.

Achterhand

De lendenen zijn breed en gespierd met behoorlijk diepe flanken. Achterbenen sterk en gespierd met goed ontwikkelde onderdijen, die kracht en beweeglijkheid geven. Hakken middelmatig gehoekt. Koehakken hoogst ongewenst.

Voeten

Goed gebogen tenen met harde teenkussens. Donkere teennagels gewenst. Spreidtenen hoogst ongewenst.

Staart

Hoog aangezet, breed bij de aanzet, smal uitlopend en tot de hak reikend. Hij wordt recht of licht gebogen gedragen, doch nooit zo ver over de rug of zo hoog als bij de brakken. Knik of kronkelstaarten hoogst ongewenst.

Beweging

De beweging toont kracht en straalt vastberadenheid uit. Als de hond recht loopt moge voor- noch achterbenen elkaar kruisen. Het rechtervoorbeen en linker achterbeen worden tegelijk voorbewogen. Een goede ruglijn gecombineerd met een krachtige achterhand geeft een goede balans en een harmonisch gangwerk.

 

Vacht

Hard en kort, weerbestendig, vlak aanliggend.

Kleur

Zandkleurig, rood en iedere tint van gestroomd. De kleur dient helder te zijn. Een witte aftekening op de borst is nog toegestaan. Andere witte aftekeningen niet. Een zwarte voorsnuit is essentieel, liefst omhooglopend tot en rond de ogen. Dit geeft de typische expressie.

Maat

Schofthoogte voor reuen: 63,5 tot 68,5 cm.                                                                          Schofthoogte voor teven: 61 tot 66 cm.

Gewicht

Reuen: 49,5 tot 59 kg.                                                                                                                     Teven: 41 tot 49 kg.

Fouten

Iedere afwijking van de voorgenoemde punten moet als fout gezien worden. De waarde van die fout moet ten opzichte van het totaal aangerekend worden. Reuen moeten twee ingedaalde testikels hebben en zichtbaar zijn in het scrotum.